Opvolging in het familiebedrijf.
Eén familie. Eén bedrijf. Twee verhalen.
In familiebedrijven wordt er vaak veel gedacht en gevoeld, maar weinig écht gezegd, zeker als het over opvolging gaat.
In dit verhaal hoor je eerst de stem van de ouders. Dan die van hun zoon.
Twee perspectieven op dezelfde werkelijkheid. Twee verhalen die elkaar net niet raken.
Deze casus is gebaseerd op een echte situatie, maar aangepast om herkenbaarheid te vermijden. 
  
Het verhaal van de ouders.
We waren jong toen we begonnen. Twee mensen met een droom en een lege loods. Keukens wilden we bouwen.
Geen bandwerk, geen massaproductie, maar vakmanschap met bezieling. We werkten ons kapot. Alles voor het bedrijf
en voor onze zoon die we stilletjes hoopten klaar te stomen als opvolger in het familiebedrijf.
We zagen hem opgroeien tussen de zaagmachines en tussen de keukens in de toonzaal. Het leek ons vanzelfsprekend
dat hij het bedrijf ooit zou overnemen. Hij was er graag bij, keek toe, en hielp af en toe. We dachten: hij voelt zich betrokken.
En ergens onderweg namen we aan dat hij dit wilde.
Toen hij instapte, waren we opgelucht. Dankbaar ook. Dat het familiebedrijf zou voortleven.
Maar vooral dankbaar omwille van zijn inzet.
Nu zijn de plannen voor de overdracht klaar, maar we twijfelen. De laatste afspraken hebben we telkens afgezegd.
Niet omdat we hem niet vertrouwen, integendeel. Maar er knaagt iets. En er zijn vragen die we niet durven te stellen. 
Zal hij het aankunnen, straks, als alle verantwoordelijkheid alleen op zijn schouders rust? 
Wij hadden elkaar maar zijn vriendin heeft haar eigen carrière?
Staat hij sterk genoeg om de uitdagingen van de toekomst aan te kunnen?
En hoe zal hij straks, als baas, omgaan met het personeel?
En dan die andere vraag, waar niet bij stil durven te staan:
 Wat blijft er van ons over als we loslaten?

Onze dagen zijn nu nog gevuld. Onze naam betekent iets. Onze rol is duidelijk. Wat als dat straks allemaal stopt?

Wie zijn we dan? Worden we nog gezien? Nog gehoord? Nog nodig?
Dus zeggen we niets. We werken door. En hopen dat we op het juiste moment wél durven kiezen.
 
Het verhaal van de zoon.
Ik ben ermee opgegroeid. Met het bedrijf. Met de geur van hout. Met de toonzaalgesprekken.
Met de weekends die meer op werkdagen leken dan op rustdagen.
Aan tafel wist ik precies wanneer ik beter kon zwijgen. Mijn vader zat er wel, maar zijn hoofd was elders.
De stilte werd vanzelfsprekend. En ergens onderweg werd het ook vanzelfsprekend dat ik de opvolger zou worden in het familiebedrijf.
Dierenarts worden was ooit mijn droom. Maar die schoof ik opzij. Mijn ouders hadden alles gegeven. Dan geef je toch terug?
We spraken er nooit over. Niemand vroeg me wat ik wilde. En ik begon er ook niet over.
Dus stapte ik in. Zonder twijfel, zonder woorden. Maar diep vanbinnen voelde het nooit helemaal als mijn keuze.
Ik doe mijn werk goed. Ik ken de klanten, het ritme, de producten. Maar goed is niet hetzelfde als graag. En dat verschil begint te wegen.
Niet luid, wel stilletjes, als een constante ruis op de achtergrond.
Soms, als iedereen weg is, zit ik alleen op kantoor. Dan denk ik aan iets anders. Een leven zonder veeleisende klanten.
Zonder personeelsgedoe. Zonder het gevoel dat ik een leven leef dat me niet helemaal past.
Maar ik zeg niets. Want hoe zeg je tegen je ouders dat je misschien hun droom leeft, maar niet de jouwe?
Dus ik zwijg. En zij ook.
  
Mijn reflectie.
Wat ik hier zie, zie ik vaak. Families die samen leven en samen werken,
maar elkaars diepste verlangens en angsten niet kennen.
Omdat niemand het gesprek opent.
Omdat iedereen elkaar probeert te sparen.
Omdat zwijgen veiliger voelt dan zeggen wat je werkelijk denkt.
En precies daarin raken mensen elkaar kwijt.
Wat hier ontbreekt is geen liefde. Het is helderheid.
Ik help families om weer te spreken. Echt te spreken.
Zodat er beslissingen genomen worden die kloppen voor iedereen aan tafel.
Niet op basis van veronderstellingen, maar vanuit waarheid.
Zeker bij iets zo ingrijpends als opvolging in een familiebedrijf.
 
Hoe het verder ging.
In dit verhaal nam de zoon contact met me op. Tijdens een aantal individuele gesprekken werd helder wat hij werkelijk wilde.
Daarna schoven ook zijn ouders aan. Voor hen was het even belangrijk om stil te staan bij hun eigen toekomst.
Niet eentje om te vrezen, maar een die perspectief biedt. Iets om naar uit te kijken.
Alle onuitgesproken zorgen, twijfels én verlangens kwamen op tafel.
Uiteindelijk bleven er twee opties over waarin iedereen zich kon vinden.
Deze opties worden momenteel verder uitgewerkt door de accountant samen met andere professionals.
Maar het echte werk? Dat is al gebeurd.

Herken jij jezelf in dit verhaal? Of iemand in jouw omgeving?
Misschien is het tijd voor dat ene gesprek.
Niet met de notaris. Niet met de accountant. Maar met elkaar.
Wil je graag weten hoe ik jullie hierbij kan helpen?
Plan een verkennend gesprek via verkindere.nathalie@telenet.be of telefonisch op nummer 0477/ 99 08 91.
Soms is één gesprek al genoeg om te weten wat je te doen staat.
 
test
test

Wie ben ik?